Wat moet u doen om een begrafenisvergoeding te bekomen?

De nabestaanden kunnen bij het overlijden van een pensioengerechtigde ten laste van de Staatskas, een vergoeding krijgen ter compensatie van de gedane begrafeniskosten.

  • de langstlevende echtgenoot (weduwe/weduwnaar, de niet uit de echt noch van tafel en bed gescheiden echtgenoot);
  • of, bij ontstentenis: de erfgenamen in rechte lijn (ouders, kinderen, kleinkinderen) van de rechtgever;
  • of, bij ontstentenis: elke derde persoon die bewijst dat hij de begrafeniskosten heeft gedragen (dit kan zijn: broer of zus, de uit de echt gescheiden echtgenoot of de van tafel en bed gescheiden echtgenoot, een instelling,…).
  • Voor de langstlevende echtgenoot en de erfgenamen in rechte lijn is de begrafenisvergoeding gelijk aan het laatste bruto maandbedrag van het rustpensioen beperkt tot € 2.590,15 (bedrag op 1 januari 2016).
  • Voor de andere rechthebbenden is het bedrag van de vergoeding gelijk aan de werkelijk gedane kosten zonder evenwel het laatste bruto maandbedrag van het rustpensioen te overschrijden en steeds beperkt tot € 2.590,15 (bedrag op 1 januari 2016).
  • De langstlevende echtgenoot (noch uit de echt, noch van tafel en bed gescheiden echtgenoot) ontvangt de begrafenisvergoeding automatisch indien het overlevingspensioen of een overgangsuitkering ambtshalve (dus zonder aanvraag) werd toegekend.
  • In alle andere gevallen is een aanvraag vereist.

De aanvraag gebeurt door middel van het formulier "Begrafenisvergoeding".

Dit aanvraagformulier kunt u verkrijgen: